Welkom op de website van het museum De Vier Ambachten
De verschillende Zuid-Nederlandse abdijen die in de Vier Ambachten inpolderingswerken verrichtten, hadden op diverse plaatsen uithoven (grangia).
Om de broeders bij oorlogsdreiging en overstroming een veilig onderkomen te verschaffen, hadden enkele abdijen te Hulst vluchthuizen of refugia.

De monniken van "Ten Duinen" (abdij te Koksijde) hadden verschillende uithoven in het gebied van het huidige Hontenisse, de belangrijkste was de uithof te Zande (Kloosterzande). In Hulst hadden zij eerst een refugium in de Pottestraat (1353). In 1574 kocht abt Robert Holman het huis van Hellin van Steenlandt in de Steenstraat en liet het tot een nieuw refugium verbouwen.

Reeds vr 1400 stond waarschijnlijk dit gebouw bekend als het grafelijk Steen of gevangenis, tevens ambtswoning van de grafelijk schout of cipier van Hulst.
De Lombaerden hebben er nadien enige tijd hun kantoor gehad.
Verder diende het tot 1574 als woning van enkele aanzienlijke families.

In 1645, nadat Hulst en het Land van Hulst in Staatse handen waren overgegaan, werd het gebouw door de Staten Generaal overgedragen aan de Prins van Oranje. Vanaf toen tot aan de Franse tijd, kreeg het de naam "Princenhof". Nadien had het gebouw verschillende bestemmingen. Ten laatste was het de woning van de arts G.A.E.de Gier, die het gebouw in 1972 aan de gemeente Hulst verkocht.

In de periode 1975-1977 werd het pand, met bestemming museum, gerestaureerd door de Rijksdienst voor de Monumentenzorg. In 1979 mocht de Oudheidkundige Kring "De Vier Ambachten" het pand in gebruik nemen voor de inrichting van het Streekmuseum "De Vier Ambachten".

Oorspronkelijk was het gebouw groter en had het nog een zijvleugel. Dit is nog duidelijk te zien in de kapconstructie en aan de achtergevel. Halverwege de vorige eeuw werd de uit baksteen en speklagen bestaande voorgevel bepleisterd in een stijl die "Pleisterclassicisme" genoemd wordt.
Deze stijl werd bij de restauratie gehandhaafd.